Over de sinaasappel...
Oorsprong
De sinaasappel komt oorspronkelijk
uit China, waar ook de naam vandaan komt
(china-appel en appel-china) en diende
vroeger vooral voor versiering. In de
15e eeuw werd hij naar Europa meegenomen
en de Spanjaarden brachten hem naar
Amerika. Van de ongeveer 2000
sinaasappelrassen worden er zo'n 100 op
grote schaal geteeld; circa 50 ervan
worden regelmatig aangeboden in
West-Europa.
Soorten
Er zijn behoorlijk wat rassen
sinaasappelen verkrijgbaar. Hier een
overzicht van de belangrijkste soorten:
De Navelina
is een sinaasappel met een duidelijk
zichtbare navel. het vruchtvlees van
deze sinaasappel is super sappig, maar
nogal fris als het de vroegste aanvoer
betreft. De eerste aanvoer is ook kort
houdbaar doordat ze gestookt worden.
Stoken is het aanrijpen met behulp van
ethyleengas. De Navelina is een echte
Spaanse sinaasappel die van oktober tot
maart op de markt is.

De Navel
is een ovaalronde sinaasappel met een
duidelijk zichtbare navel en een diep
oranjerode kleur en zeer zoet
vruchtvlees. De Navel is ook veel beter
houdbaar dan de Navelina. Echt een prima
handsinaasappel. Deze sinaasappel is van
november tot mei verkrijgbaar uit Spanje
en het Middellandse Zeegebied. In de
maanden juli tot september komt deze
topper uit Noord- en Zuid-Amerika,
Zuid-Afrika en Australië.
Kleiner en minder ovaal is de
Navellate.
De navel van deze sinaas-appel is haast
onzichtbaar en het vruchtvlees is
volledig pitloos. Het vruchtvlees is
zoet en sappig en het is een echte
handsinaasappel. De Navellate is
afkomstig uit Spanje en verkrijgbaar van
januari tot mei.
Weinig of geen pitten, zoet en
sappig, dat zijn de kenmerken van de
Salustiana.
De Salustiana is in Nederland de meest
verkochte sinaasappel en is geschikt
voor de hand en voor de pers. Van
november tot mei is deze sinaasappel op
de markt uit Spanje.
Nog zo'n bekende soort is de
Valencia Late.
Deze sinaasappel wordt over de gehele
wereld geteeld. De vrucht is oranje van
kleur en bevat weinig of geen pitten.
Een echte zoete en sappige sinaasappel
die zowel voor de hand als voor de pers
te gebruiken is.
Er zijn nog veel meer soorten
sinaasappelen verkrijgbaar. Echter de bovengenoemde
soorten kom je het meest tegen.

Schoonmaken en bereiden
Schil de citrusvruchten voor gebruik.
Dit gaat makkelijk wanneer je de schil
rondom van boven naar beneden insnijdt
met een scherp mesje. Haal de schil er
in vier gedeelten van af. Verwijder
hierna de witte vliezen en verdeel de
vrucht in kleine delen. Voor delen
zonder vliezen, bijvoorbeeld voor in
fruitsalades, desserts of taarten moet
de vrucht anders schoon worden gemaakt.
Ga als volgt te werk: schil de vrucht
dik (als een appel) tot op het
vruchtvlees. Snij een schijfje van de
boven- en onderkant van de vrucht en
snij nu met een scherp mesje de deeltjes
tussen de vliezen uit. Voor het persen
van citrusvruchten is het belangrijk dat
ze op kamertemperatuur zijn; je krijgt
dan meer sap.
Bewaren
De beste bewaartemperatuur voor
citrusfruit is ca. 12°C. De schil bevat
een aromatische olie. Ze kunnen om die
reden een sterke geur verspreiden.
Bewaar ze daarom niet in de koelkast met
andere producten. De vruchten zijn
optimaal van smaak als ze op
kamertemperatuur zijn. Sinaasappelen,
citroenen en grapefruits zijn één tot
drie weken houdbaar, mandarijnen
ongeveer één week.